Paperdelle pasta met geroosterde wintergroenten

Ingrediënten

Voor de groenten 
2 gele bieten
1 meiraap
2 venkelknollen
1 el olijfolie
2 mandarijnen
Voor de pesto
100 gr hazelnoten
100 gr Pecorino Romano-kaas
1 bos bladpeterselie
1-2 tenen knoflook
75 ml olijfolie
zeezout en peper
Voor de pasta
300 gr pappardelle of tagliatelle
1/2 theelepel zeezout


Zo maak je het

  1. Verwarm de oven op 190 graden. Bedek een bakplaat met bakpapier. 
  2. Schil de bieten en meiraap. Snij de gele bieten doormidden en daarna in partjes van 1.5 cm dik. Snij de meiraap net zo groot als de bieten. Doe beide in een kom. Schenk de olijfolie over de groenten.
  3. Pel de mandarijnen. Verdeel van één mandarijn de partjes over de groenten. Halveer de ander en knijp het sap uit over de groenten. 
  4. Was de venkel. Verwijder het groene loof van de venkel en zet het apart. Snij het worteleinde van de knollen eraf en halveer de venkel. Snij de venkel in partjes van 1,5 cm. Voeg de venkel toe aan de groenten. Bestrooi met zeezout en mix het goed.
  5. Verspreid de groenten over de bakplaat en rooster ze in 20-25 minuten in de oven.
  6. Kook de pasta beetgaar volgens de aanwijzingen op de verpakking.

Voor de hazelnotenpesto

  1. Hak de hazelnoten fijn in een keukenmachine of met een vijzel. Rasp de Pecorino-kaas en hak de knoflook heel fijn. Was en droog de bladpeterselie; hak zowel de steel als het blad heel fijn. Meng de ingrediënten met een scheut olijfolie in een kom. Breng op smaak met zeezout en peper.
  2.  Haal de geroosterde groenten uit de oven.
  3. Giet de pasta af maar houd 50 ml kookvocht apart.
  4. Schep de pesto door de pasta. Schenk het kookvocht beetje bij beetje door de pesto (dit zorgt ervoor dat de pesto zich goed verdeelt over de pasta). Schep de groenten erdoor. Garneer het af met het fijngehakte groene lof van de venkel en met mandarijn.